‘Neem geen onofficiële taxi’s!’ roepen de billboards op de luchthaven.

Ik neem hier in Peru altijd de on-officiële taxi’s! Express, omdat ik het belangrijk én fijn vind om met de bevolking zelf te praten. Juist de mensen met minder kansen, juist de mensen die hun eigen rammelende autootje onderhouden en daarmee wat geld bij elkaar sprokkelen. Die wil ik graag steunen. En tegelijk mezelf uitdagen tot groei... want door te denken met mijn hart, kan ik voorbij aan de angsten van mijn hoofd.

Dus ik loop de officiële mannen in nette pakken voorbij, nadat ik de groep deelnemers van de Peru-Bolivia-reis met een schat aan nieuwe ervaringen en inspiratie op de luchthaven heb achtergelaten. Ik spreek zo’n man in een gammel bakkie aan. Ik probeer in een split second in te schatten en te voelen of het oké is. Ik twijfel door een bepaalde blik in zijn ogen, ik kijk nog een keer en besluit toch in te stappen. Ik merk dat het lezen van die borden met waarschuwingen tegen illegale gevaarlijke taxi’s jaar na jaar me toch langzaam banger maken. Net als het vele nieuws dat over ons heen wordt uitgestort. Ik voel duidelijk dat ik daar niet aan toe wil geven. Want angst is het tegendeel van liefde. Als ik toegeef aan de angst is het einde zoek. Als ik toegeef aan de angst, hou ik een beetje op met leven. En bovendien: de meeste mensen deugen, ook in Peru. Dus daar zit ik. In een lekker aftandse rammelbak, toeterend de snelste baan zoekend door het chaotische verkeer van de hoofdstad Lima.

We raken aan de praat. Het verkeer staat goed vast, dus in plaats van een uur hebben we bijna twee uur de tijd. En terwijl hij over zijn gezin vertelt en over zijn eigen auto, wordt ik verder gerustgesteld en voel ik opluchting.

Het gesprek gaat door en hij vertelt dat hij in de gevangenis heeft gezeten. Ik merk de flinke schrik in mijn lijf. Overweeg zelfs even om snel uit te stappen nu de auto in de file stilstaat. Maarrr… in plaats van mijn angst te volgen, observeerde ik mijn reactie en nam het als een moment om doorheen te bewegen. Door te ademen. Mijn stoelleuning te voelen. Ik voel de ontspanning langzaam terugkomen en ik stel hem een vraag: jeetje, hoe was dat? Dat zal geen lolletje zijn geweest, hier in Peru. Hij vertelde hoe het keiharde brood, de smakeloze soep en de lange dagen verschrikkelijk waren. 2,5 jaar. Hij komt uit een klein vissersdorp in de buurt van Lima. Hij vertelde hoe hij fantaseerde over de geweldige verse visschotels die ze daar aan de haven bereiden en die inmiddels bijna wereldberoemd zijn: ceviche. Het verhaal raakt, zowel mij als hem. Ik blijf. In plaats van wegrennen of uitstappen. Mijn hart wordt zachter en ik voel me ontroert door de verbinding die ik nu weer kan voelen in de openheid van zijn woorden.

Aangekomen op mijn bestemming, stap ik uit en betaal hem drie keer het afgesproken bedrag en wens hem toe dat hij samen met zijn gezin een lekkere ceviche-schotel gaat eten in het haventje van zijn dorp.

Contact maken en verbinden als krachtig medicijn tegen mijn eigen angst. Ook díe uitnodiging en spiegel ligt hier in Peru voor het oprapen.

Bewegen voorbij de angst. Of zoals deze muurschildering in de buurt van mijn hotel me uitnodigend voorhoudt: ‘pensar con el corazón’ - denken met het hart! Want ieder van ons kiest elk moment weer; angst of liefde 🧡